Navigatie en titel overslaan

Thema's

Nederlands-Indië

Krijgsverrichtingen

1942-1945

Na aanvankelijke militaire successen keerden vanaf midden 1942 Japans' kansen in de oorlog in Zuidoost-Azië. In juni van dat jaar werd de Japanners door de Amerikanen in de slag bij het eiland Midway in de Stille Oceaan een gevoelige nederlaag toegebracht. De strategie van de geallieerden kwam er in de praktijk op neer dat de Verenigde Staten de aanval op Japan inzetten vanuit de Stille Oceaan, de Britten zich concentreerden op de herovering van Birma, terwijl nationalistische Chinezen de door Japan bezette delen van China aanvielen. Hoewel er plannen hebben bestaan om Sumatra te heroveren, gaven de geallieerde strijdkrachten uiteindelijk geen voorrang aan de bevrijding van Nederlands-Indië. Wel werden voedseltransporten vanuit Indië naar Japan door de geallieerde vloot en luchtmacht aangevallen. Nederlands-Indië viel aanvankelijk alleen wat betreft Sumatra onder het in 1943 door de geallieerden opgerichte South-East Asia Command (SEAC), dat ook verantwoordelijk was voor de strijd tegen de Japanners in Birma, Thailand en Maleisië. Pas twee jaar later werden ook Frans-Indochina en de rest van Nederlands-Indië erbij getrokken.

In de loop van 1944 slaagden de Amerikanen erin de eilanden Kwajalein en Eniwetok in de Marshall-archipel te veroveren. Japan verloor ook de eilanden Saipan en Tinian in de Marianen-archipel, waardoor Amerikaanse B-29 bommenwerpers voortaan rechtstreeks doelen in Japan konden treffen. In Zuidoost-Azië en Oceanië wisten de geallieerden steeds meer gebieden op de Japanners te heroveren: Birma, de Salomonseilanden en een deel van de Filippijnen. In de zeeslag bij het Filippijnse eiland Leyte zetten de Japanners voor het eerst de kamikaze in: zelfmoordacties van piloten die zich met hun vliegtuigen vol explosieven in een vijandelijk doel boorden. In april 1944 werd ook het stadje Hollandia in Nederlands Nieuw-Guinea door de Amerikanen heroverd. Nieuw-Guinea, dat deels tot Nederlands-Indië, deels tot Australië behoorde, was in maart 1942 door Japan aangevallen waarna het noordelijk deel bezet was. Langs de noordelijke kust leverden Australische troepen sindsdien strijd met de Japanners. In deze ‘Nieuw-Guinea Campagne’ werden de Australiërs bijgestaan door papoea’s die actief waren als soldaten, gidsen en dragers. Begin 1945 werden ook in Australië getrainde Surinaamse vrijwilligers ingezet. Zij landden in Hollandia en hadden onder meer tot taak Japanners op te sporen die in de jungle waren achtergebleven.

Met uitzondering van een deel van Nieuw-Guinea werd de terugtrekking van de Japanse troepen in Nederlands-Indië en in andere door hen veroverde gebieden afgedwongen door de Amerikaanse inzet van atoomwapens. Op 6 augustus 1945 viel de eerste atoombom op Hiroshima, de tweede op 9 augustus op Nagasaki. Tegelijkertijd verklaarde de Sovjet-Unie Japan de oorlog en rukte het Rode Leger Mandsjoerije en Korea binnen, en bezette tevens de Koerilen en Sachalin. Het was uiteindelijk de Japanse keizer Hirohito zelf die tot overgave besloot, op voorwaarde dat hij als soeverein vorst kon aanblijven. Op 15 augustus maakte de tenno in een radiotoespraak de capitulatie van zijn land bekend.

Literatuurverwijzingen

Werner Gruhl, Imperial Japan's World War Two, 1931-1945 (New Brunswick  2007).

L. de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog Dl. XI (Den Haag 1984-1986).

A.J. Rotter, Hiroshima: the world’s bomb (Oxford 2008).

G. Weinberg, A world at arms: a global history of World War II, Cambridge 2005.