Navigatie en titel overslaan

Thema's

Nederlands-Indië

Internering NSB-ers en Duitsers

Na het bekend worden van de Duitse inval in Nederland kondigde gouverneur-generaal Van Starkenborgh in Nederlands-Indië de staat van beleg af. Hij gaf opdracht de Duitse schepen die na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog een Indische haven waren binnengevlucht in beslag te nemen en alle Duitse en Oostenrijkse mannelijke opvarenden te interneren. De Koninklijke Marine wist achttien schepen te overmeesteren, één schip werd door de bemanning tot zinken gebracht. Ook de Duitsers die in de kolonie woonden werden opgepakt, met inbegrip van gepensioneerde gouvernementsartsen, zendelingen en zelfs uit Duitsland gevluchte joden. Behalve Duitsers werden verder Joegoslavische, Poolse, Deense, Belgische en Franse staatsburgers opgepakt. Alles bij elkaar ging het om ongeveer 2800 personen.

In mei 1940 liet de gouverneur-generaal bovendien leden van de NSB vastzetten. Vermoedelijk waren het meer dan 500 mannen en 32 vrouwen. Niet iedereen die gearresteerd werd was ook werkelijk lid van de beweging of sympathiseerde er zelfs maar mee. Aan de andere kant bleef een groot deel van de NSB-leden op vrije voeten. Van degenen die bekend stonden als Mussert-volgelingen werden velen ontslagen, ambtenaren verloren bovendien hun pensioenrechten. Bij het oppakken van de (vermeende) NSB’ers heeft angst een grote rol gespeeld en was sprake van willekeur. In de meidagen deden absurde geruchten de ronde en geloofden sommigen dat landverraders samen met de Duitsers het land wilden overnemen.

Alle geïnterneerden werden overgebracht naar interneringskampen op Sumatra, Borneo, Celebes en Java. De Duitse gevangenen kwamen vooral terecht in een kampement op Noord-Sumatra, terwijl de NSB’ers werden opgesloten in het oude fort Ngawi op Oost-Java. De behandeling van de Duitse gevangenen was redelijk. Het kamp kende slaap- en eetbarakken, een badgelegenheid, een keukenbarak en een hospitaal. De bewaking was in handen van het Knil. Over het voedsel waren geen klachten en de medische zorg, die in handen was van Duitse artsen en specialisten, was uitstekend en de kantines waren goed voorzien. De fanatieke nazi’s – dertig in getal – waren ondergebracht in een aparte, extra bewaakte barak. Vrijlating van de overige Duitsers achtte Van Starkenborgh onverantwoord, gezien de felle anti-Duitse stemming onder de Europeanen in de kolonie.

De in fort Ngawi geïnterneerde NSB’ers hadden het een stuk moeilijker dan de Duitsers. Het fort was verwaarloosd en aanvankelijk werd er honger geleden. De verbittering was groot, aangezien velen op vage gronden waren opgepakt en er geen enkel justitieel verhoor plaatsvond. Overtuigde nationaalsocialisten slaagden erin het hele kamp op te hitsen. Overal verscheen het teken van de wolfsangel (een symbool van de NSB) en zelfs het hakenkruis. Na de Nederlandse oorlogsverklaring aan Japan in december 1941 meldden enkelen zich tevergeefs aan voor deelname aan de strijd. De meest fanatieke onder hen, ongeveer honderdvijftig man, werden per schip naar Suriname overgebracht. Aan boord van de Tjisadane werden zij op het hoofddek in een soort open kooi opgesloten.

Wat kunt u onder dit thema vinden?
Het thema internering is bedoeld voor de internering van Duitsers en NSB-ers in de eerste oorlogsjaren, toen Nederlands-Indië nog onder Nederlands bestuur viel. Zie voor archieven met betrekking tot de (burger)interneringskampen waar de Japanners Nederlandse onderdanen in onderbrachten het thema Kampen en Gevangenissen.

Literatuurverwijzingen

M. van Selm, 'Een doorgaans onbekende historie...' : het lot van 146 (vermeende) N.S.B.'ers uit Nederlands-Indië, bijgenaamd 'de onverzoenlijken' (s.l. 1995).

E. Litver, Een zwarte steen in de gordel van smaragd : de NSB in Nederlands-Indië 1933-1942 (s.l. 1995).