Navigatie en titel overslaan

Thema's

Nederland

Vervolging

Overige Vervolgden

Communisten
Naast de Joden werden ook de communisten actief vervolgd door de Duitsers. Na de Februaristaking richtte de bezetter een Sonderkommando op, dat de Amsterdamse CPN moest oprollen. In de eerste helft van 1941 werden honderden communisten van buiten Amsterdam opgepakt, waarbij het vooral ging om verspreiders en afnemers van De Waarheid. De Berlijnse autoriteiten bemoeiden zich veel met de vervolging van communisten en lieten in 1941 twee decreten uitgaan betreffende maatregelen tegen communistisch verzet in bezet gebied. In 1942, twee dagen na de Duitse inval in de Sovjet-Unie, hield de bezetter een omvangrijke arrestatie actie, waarbij door heel Nederland communisten werden opgepakt. In de weken daarna werden nog eens zeshonderd communisten en socialisten opgepakt en in Schoorl gevangen gezet. Zo’n tweehonderd van hen werden later weer vrijgelaten, maar de rest werd naar Ravensbrück of Neuengamme overgebracht.

Zigeuners
Over de vervolging van zigeuners is lange tijd weinig bekend geweest. Tijdens de oorlog bleef de wegvoering vrij onopgemerkt en ook in de jaren na de oorlog werd er weinig ruchtbaarheid aan gegeven. Toch hadden de Duitsers met de Sinti en Roma hetzelfde doel voor ogen als met de Joden, namelijk dat van algehele uitroeiing. Begin 1941 werd begonnen met de registratie van alle in Nederland aanwezige woonwagen- en woonschipbewoners. Toch was dit waarschijnlijk nog niet de voorbereiding voor de latere deportaties van zigeuners, maar moet de registratie vooral gezien worden in het licht van de algemene tendens de woonwagenbewoners onder controle te willen houden. Eind 1941 werd bepaald dat de woonwagenbewoners moesten worden opgenomen in het Centraal Bevolkingsregister, en niet langer in de gemeenteregisters. Pas in 1944 werd met de echte vervolging van de zigeuners begonnen. Op 16 mei van dat jaar werd er een razzia gehouden over heel Nederland; drie dagen later vonden er reeds transporten plaats van de Sinti en Roma vanuit Westerbork naar Auschwitz. In totaal werden 578 mannen, vrouwen en kinderen opgepakt. Omdat sommigen van hen echter volgens de nazi-leer geen echte zigeuners waren, maar ‘asocialen’ of woonwagenbewoners, werden 260 mensen vanuit Westerbork weer vrijgelaten. Volgens een opgave van het Rode Kruis keerden slechts 31 zigeuners weer terug na de oorlog.

Homoseksuelen
Het onderdrukken van homoseksueel gedrag werd vooral ingegeven door de Duitse bevolkingspolitiek waarin de ideale man en vrouw het einddoel waren. Het onderdrukken van het gedrag was daarbij belangrijker dan het onderdrukken van de persoon zelf en tot een echte systematische vervolging is het dan ook niet gekomen. In 1940 werd Verordening 81/40 uitgevaardigd, dat alle homoseksuele contacten onder mannen verbood. In principe vielen homoseksuelen onder het Nederlandse strafrecht, tenzij het om contacten met Duitse burgers ging. Het is onduidelijk hoeveel mensen op grond van hun homoseksualiteit naar de gevangenis of (werk)kampen zijn gestuurd. Er zijn wel gevallen bekend van homoseksuelen in kampen, waar de vraag is of hierbij de seksuele geaardheid de enige reden was voor de deportatie. Soms werd het wel als strafverzwarend feit gebruikt.

Zie ook het thema Kampen en gevangenissen.

Literatuurverwijzingen

H. Galesloot, S. Legêne, Partij in het verzet. De CPN in de Tweede Wereldoorlog (Amsterdam 1986). 

P. Koenders, Homoseksualiteit in bezet Nederland (Den Haag 1983).

B.A. Seyss, Vervolging van zigeuners in Nederland, 1940-1945 (Den Haag 1979).