Navigatie en titel overslaan

Thema's

Nederland

Koninklijk Huis

Tegen haar zin was koningin Wilhelmina op 13 mei 1940 naar Groot-Brittannië vertrokken. Eerder al was het gezin van kroonprinses Juliana en prins Bernhard het Kanaal overgestoken. Ook de prins had met frisse tegenzin Nederland verlaten en wilde het liefst zo spoedig mogelijk terugkeren om aan de strijd deel te nemen. Koningin en prins bleven in Londen, Juliana vertrok met haar kinderen naar Canada. Voor veel mensen was het vertrek van de koningin, waartoe besloten was door generaal Winkelman, een grote schok en kon rekenen op onbegrip. Spoedig namen de afwijzende geluiden af en groeide begrip voor de stap van de Oranjes. In het bezette Nederland zouden zij bij velen uitgroeien tot symbool van een onafhankelijk Nederland. Dat bleek al direct op 29 juni 1940, de eerste verjaardag van een lid van het Koninklijk Huis, in dit geval van prins Bernhard. Op wat later Anjerdag zou gaan heten, was er een overmaat aan witte anjers op de markt, de favoriete bloem van de prins.

 

Vanaf het begin van haar ballingschap in Londen zette Wilhelmina zich in voor het verdrijven van de Duitse bezetter. Zo bracht zij de belangen van Nederland voortdurend onder de aandacht van de Britse premier Churchill en bij Roosevelt, de president van de Verenigde Staten. Door haar onverzettelijkheid dwong de koningin groot respect af bij de geallieerde leiders. Op haar beurt had de vorstin grote bewondering voor de Engelandvaarders, die met gevaar voor eigen leven de tocht naar Groot-Brittannië hadden gemaakt om aan de kant van de geallieerden te strijden. De informatievoorziening was schaars en Wilhelmina trok veel tijd uit om zich door de Engelandvaarders van de toestand in het vaderland op de hoogte te stellen. In veel beluisterde toespraken voor Radio Oranje sprak zij de Nederlanders toe en herhaaldelijk uitte zij haar bewondering voor het verzet en voor de offers die het volk bracht.

 

In Londen kwam Wilhelmina al spoedig in botsing met de defaitistische premier De Geer, die niet geloofde in de geallieerde overwinning. Al in augustus 1940 zegde zij het vertrouwen in de premier op. Over zijn opvolger, de strijdbare en standvastige Gerbrandy, was de vorstin beter te spreken. Tussen haar en de andere ministers bestond in Londen echter een moeizame verhouding. Meer dan voor de oorlog mogelijk was geweest, drukte Wilhelmina een stempel op het beleid. Bij veel ministers viel die monarchale bemoeizucht niet in goede aarde. Ook haar idealen over een naoorlogs staatsbestel, waarin aan het staatshoofd meer macht zou zijn toebedeeld, kon niet rekenen op algehele instemming binnen het kabinet. Na verloop van tijd kwam het over de positie van het staatshoofd ook tussen de koningin en Gerbrandy tot spanningen.

 

Wat kunt u onder dit thema vinden?

Uiteraard zijn hier stukken geplaatst die te maken hebben met leden van het Koninklijk Huis in ballingschap, maar u vindt hier ook stukken die te maken hebben met het Koningshuis in Nederland, zoals het veranderen van straatnamen en het verwijderen van afbeeldingen van leden van het koninklijk huis uit gemeentehuizen.

Literatuurverwijzingen

C. Fasseur, Wilhelmina: krijgshaftig in een vormeloze jas (Amsterdam 2001).

L. de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog (Den Haag 1969-1988).